Kennisbundel Herstelondersteunende zorg

Vilans

Herstelondersteunende zorg

Patricia Deegan

'Veel mensen vinden het beangstigend om gewoon wat tijd door te brengen bij mensen die enorm lijden. Mensen met zielensmart schreeuwen het uit. Zelfs als zij totaal stil zijn, kan je ze het horen uitschreeuwen.'

In deze casus werkt de behandelaar volgens kenmerken van herstelondersteunende zorg, maar wat is nu herstelondersteunende zorg? In dit hoofdstuk wordt hier nader op ingegaan.

Leerdoelen

Herstellen betreft het ontgroeien van de rampzalige gevolgen van de aandoening
en de ontwikkeling van een nieuwe betekenis en een nieuw doel in iemands
leven”. Bron Anthony in: Korevaar L., & Dröes J. (2016) Handboek rehabilitatie voor zorg en welzijn. Bussum: Coutinho

Herstelondersteuning is alle hulp die iemand krijgt bij zijn herstel. De meeste herstelondersteuning wordt geboden door lotgenoten, familie en vrienden.

Herstelondersteunend zorg is dat gedeelte van herstelondersteuning dat door de professionele zorg wordt geboden. In dit tweede onderdeel van deze kennisbundel gaan we op dit laatste thema nader in.

Als je aan de slag gaat met dit thema, werk je aan de volgende leerdoelen:

  • Je kent de omschrijving van herstelondersteunende zorg (hoz)
  • Je kent de kenmerken van een hulpverlener in hoz
  • Je kent de vier aspecten van hoz

Omschrijving van Herstelondersteunende zorg

Herstelondersteunende zorg is alle herstelondersteuning die wordt gegeven door hulpverleners. Dat is meestal maar een klein (dikwijls wel belangrijk) deel van de totale ondersteuning die iemand krijgt. De meeste mensen krijgen de meeste steun van lotgenoten, familie en vrienden. Het nieuwe aan herstelondersteunende zorg is de visie dat het gaat om het ondersteunen van herstel in plaats van het louter terugdringen van ziekte. De meeste zorg die we op dit moment kennen is gericht op het terugdringen van ziekte. Dat gebeurt door het behandelen van de oorzaken en symptomen van ziekte. Het terugdringen van ziekte blijft natuurlijk belangrijk, maar herstelondersteunende zorg is breder dan ziektebestrijding.

Het gaat bij herstelondersteunende zorg om het ondersteunen van herstel van identiteit, van gezondheid, van dagelijks functioneren en van rolfunctioneren in de maatschappij. Behalve het behandelen van ziekteverschijnselen zoals angsten, depressie en hallucinaties of van de gevolgen van geweld, verwaarlozing of sexueel trauma gaat het bij herstelondersteunende zorg om het ondersteunen van activiteiten als: voor jezelf kunnen opkomen, je grenzen bewaken, gezond leven, je huishouding weer oppakken, weer naar school of aan het werk gaan (Dröes, 2016).

Kenmerken van de hulpverlener in herstelondersteunende zorg

Bij goed hulpverlenerschap ligt het accent veelal op de houding van de hulpverlener
en het contact tussen cliënt en hulpverlener. Er is in Nederland en ook in het buitenland inmiddels veel geschreven over wat een hulpverlener moet doen als hij echt herstelondersteunend wil werken.

Zo'n hulpverlener:

  • heeft een attitude van hoop en optimisme;
  • is present (aandachtig aanwezig voor de cliënt);
  • gebruikt zijn professionele referentiekader op een terughoudende en bescheiden wijze;
  • maakt ruimte voor het persoonlijke verhaal van de cliënt, ondersteunt het opstellen van dit verhaal en sluit er met zorgverlening bij aan;
  • herkent en stimuleert het benutten van eigen kracht van de cliënt;
  • erkent, benut en stimuleert de ervaringskennis en de ervaringsdeskundigheid van de cliënt;
  • erkent, benut en stimuleert de ondersteuning van de cliënt door belangrijke anderen (altijd in overleg met de cliënt);
  • is gericht op het verlichten van lijden en het vergroten van autonomie van de cliënt.

Herstelprocessen verschillen van persoon tot persoon en daarmee verschilt ook de gewenste ondersteuning. Duidelijk is wel dat het nodig is om op een nieuwe manier te kijken naar mensen die psychisch kwetsbaar zijn. Begeleiding en zorg moeten de cliënt ondersteunen en aanmoedigen om zoveel mogelijk zichzelf te helpen, waarbij cliënten hun eigen doelen verkennen, kiezen, verkrijgen en behouden. Hoop bieden staat hierbij voorop. In plaats van te zorgen en denken voor cliënten, moeten zorgverleners de ervaringskennis van mensen met een psychische kwetsbaarheid serieus nemen en bereid zijn daarop aan te sluiten. Niet langer staan onmogelijkheden en beperkingen centraal, maar juist mogelijkheden en kwaliteiten.

De cliënt heeft de regie

Herstelondersteuning is niet zomaar een nieuwe methode. Het gaat om een andere manier van kijken naar de cliënt en naar het proces dat deze doormaakt. Door de cliënt de leiding te geven in zijn eigen herstelproces, nemen hulpverleners een andere rol aan dan gebruikelijk is in de GGz en verslavingszorg. Zij moeten voornamelijk ondersteuning, ruimte en mogelijkheden bieden, terwijl de regie bij de cliënten zelf ligt. Zorgverleners moeten beseffen dat het hier om een daadwerkelijke paradigmawisseling gaat, waaraan een heldere visie ten grondslag ligt.

Depriman

De vier aspecten van herstelondersteunende zorg

In hoofdstuk 1 zijn vier aspecten van herstel genoemd: herstel van persoon of identiteit, herstel van gezondheid, herstel van dagelijks functioneren, en herstel van rolfunctioneren (Dröes, 2016). Deze aspecten van herstel zijn altijd allemaal in een herstelproces aanwezig. Maar mensen noemen er vaak maar een of twee; de andere komen dan tevoorschijn wanneer je er langer met hen over praat. Een cliënt kan om te werken aan een bepaald aspect van zijn/haar herstel gebruikmaken van verschillende soorten hulpverlening. Zo kun je om aan het herstel van je gezondheid te werken gebruik maken van behandeling. Steeds belangrijker wordt zelfmanagement: Dat je gebruik maakt van je ervaringskennis om zélf je gezondheid te verbeteren. Denk bijvoorbeeld aan op tijd gaan slapen, niet teveel hooi op je vork nemen, op tijd medicatie gaan innemen etc. In veel herstelprocessen zijn er ook momenten waarop anderen het even van je over moeten nemen. Dan spreken we van bemoeizorg. Wanneer je wilt werken aan het herstel van je persoon of van je identiteit kun je bijvoorbeeld gebruik maken van herstelwerkgroepen maar ook van gesprekken en psychotherapie. Wanneer je vooral wilt werken aan het weer oppakken van je dagelijkse activiteiten is rehabilitatie een goede hulp. Hetzelfde geldt wanneer je vooral wilt werken aan je terugkeer in de maatschappij: weer aan het werk gaan, weer naar school gaan, je rol als zoon, moeder, oma of vriend weer oppakken.

In dit schema staan eigenlijk de elementen van herstelondersteunende zorg zoals die door hulpverleners kunnen worden geboden (behalve de zelfhulpgroepen: die kunnen niet worden aangeboden vanuit de zorg, maar hoogstens gefaciliteerd).

Aspectenherstel

Bron: Handreiking voor de implementatie van herstelondersteunende zorg in de ggz (p. 28)

Instrumenten

Deze instrumenten helpen je verder in de praktijk:

  • De ROPI, de ROPI is een instrument waarmee een indicatie kan worden verkregen van de mate van herstelondersteunende zorg
  • De ROSI, de ROSI is een (Engelstalig) instrument ontwikkeld vanuit en verankerd in de doorleefde ervaring van volwassenen met ernstige en langdurige psychiatrische stoornissen. Het ROSI gebruikers zelfonderzoek en het bijbehorende administratieve profiel zijn ontworpen om de mate van herstelgerichtheid van instellingen voor geestelijke gezondheidszorg voor volwassenen met ernstige en langdurige psychiatrische stoornissen te meten

Herstelwerkgroepen

Voor cliënten zijn verschillende cursussen en groepen beschikbaar om hun herstel te ondersteunen. Een goed voorbeeld is de herstelwerkgroep. Dit is een zelfhulpgroep waarin cliënten onder begeleiding van een ervaringsdeskundige kennismaken met het begrip herstel. De primaire doelstelling van een herstelwerkgroep is deelnemers de gelegenheid te geven hun herstel zelf actief ter hand te nemen, de regie over het eigen leven weer terug te nemen. Empowerment en ervaringskennis zijn hierbij bedoelde bijproducten. Lees meer in de Handreiking voor de implementatie van herstelondersteunende zorg inde GGz, paragraaf 9.1.

Handreiking bloem

Stigmabestrijding

Binnen herstelondersteunende zorg is het van groot belang om stigmatisering te bestrijden, zowel binnen als buiten de instelling. Dwang, onnodige huisregels, mooiere toiletten voor personeel dan voor cliënten, stigmatiserend taalgebruik van hulpverleners, onnodige beperking van de rechten; het komt regelmatig voor in de GGz en leidt ertoe dat cliënten afhankelijk worden van hulp en zich minderwaardig voelen. Dit ondermijnt het herstel van cliënten. Lees meer in de Handreiking voor de implementatie van herstelondersteunende zorg in de GGz, paragraaf 10.4.

Herstelondersteunende begeleidingsplannen

Voor hulpverleners en ervaringsdeskundigen die aan de slag gaan om de zorg meer herstelondersteunend te maken, is het zinvol om in ieder geval kritisch naar de huidige begeleidingsplannen te kijken. Veel instellingen werken (nog) met begeleidingsplannen die het herstel van cliënten te weinig ondersteunen. De doelen zijn eigenlijk meer van de hulpverleners dan van de cliënten. Veel begeleidingsplannen lijken op elkaar; ze bevatten standaarddoelen, zoals ‘de cliënt moet stabiliseren’. Ook staan in veel plannen de problematiek en beperkingen van de cliënt centraal, in plaats van diens sterke kanten en mogelijkheden. Op dit gebied valt dus veel winst te behalen. Lees meer in de Handreiking voor de implementatie van herstelondersteunende zorg inde GGz, paragraaf 10.5.

Het Strengths Model

Het Strengths Model is een vorm van casemanagement, maar de benadering kan ook op andere vormen van hulpverlening worden toegepast. In het Strengths Model staan de individuele krachten van cliënten centraal, die zij ontlenen aan wensen, competenties en vertrouwen. Om tot wasdom te komen zijn veelal ook omgevingskrachten nodig: sociale relaties, materiële hulpbronnen en diensten, en mogelijkheden die zich voordoen. Het Strengths Model gaat ervan uit dat mensen die lijden aan een ernstige psychiatrische aandoening voortdurend kunnen leren, groeien en veranderen; mits de individuele en omgevingskrachten op de juiste wijze worden aangewend. Binnen het Strengths Model werken hulpverlener en cliënt toe naar een persoonlijk herstelgericht plan, en voeren dit plan ook uit. Lees meer in de Handreiking voor de implementatie van herstelondersteunende zorg inde GGz, paragraaf 10.6.

Shared Decision Making

Shared Decision Making (SDM; Deegan & Drake, 2006) is een met ICT ondersteunde methode waarmee de behandelaar en hulpvrager tot een gezamenlijk besluitvormingsproces komen. Dit gebeurt op basis van de ervaringskennis van de cliënt, wetenschappelijke richtlijnen en de inzichten van de hulpverlener. SDM is ontwikkeld in de Verenigde Staten en wordt inmiddels bij verschillende Nederlandse instellingen uitgeprobeerd. Lees meer in de Handreiking voor de implementatie van herstelondersteunende zorg in de GGz, paragraaf 10.7.

WRAP

De WRAP (Wellness Recovery Action Plan) is een zelfhulp-instrument met een heldere structuur en sterk geworteld in het herstelconcept. Het ondersteunt mensen om weer greep te krijgen (en te houden) op het leven wanneer dat ontregeld raakt door ernstige gebeurtenissen. De WRAP is een plan dat mensen zelf maken voor herstel in hun eigen leven. Dit proces wint sterk aan kracht door ervaringsdeskundige ondersteuning en uitwisseling. Lees meer over WRAP in het artikel Boertien, D., Bakel, M. van en Weeghel, J. van (2012). Wellness Recovery Action Plan in Nederland. Een herstelmethode bij psychische ontwrichting. In: MGv 76-5, p. 276-84. Utrecht: Trimbos-instituut.

Rehabilitatiemethodieken

Rehabilitatie is een hulpverleningsvorm die is gericht op het herstel van activiteiten (dagelijks functioneren) en participatie (functioneren in specifieke rollen). Rehabilitatie gaat ervan uit dat herstel van rollen en dagelijkse routines doorwerkt in het herstel van persoonlijke identiteit en gezondheid. Een definitie van rehabilitatie is: ‘mensen met ernstige, langdurige beperkingen en participatieproblemen ondersteunen bij het verkennen, kiezen, verkrijgen en behouden van hun activiteiten- en participatiedoelen’ (Dröes, Van Wel & Korevaar, 2016, p. 35). Net als bij de andere beschreven methodieken geldt: of cliënten de methodiek daadwerkelijk als herstelondersteunend ervaren, hangt grotendeels af van de manier waarop hulpverleners de methodiek inzetten. In module 3 van deze kennisbundel gaan we nader in op het onderwerp rehabilitatie.

Kijktip

Kijk naar de volgende films:

Literatuur

Wil je meer weten over herstelondersteunende zorg:

  • Dröes, J. & Witsenburg, C. (red.) (2012). Herstelondersteunende zorg, behandeling, rehabilitatie en ervaringsdeskundigheid als hulp bij herstel van psychische aandoeningen. Passagecahier. Amsterdam: SWP.
  • Korevaar, L. & Dröes,  J. (2016). Handboek Rehabilitatie voor zorg en welzijn. Bussum: Coutinho. Hoofdstuk 1 t/m 3.
  • Initiatiefgroep Herstelondersteuning (2011). Herstelondersteuning. Van kans naar realiteit. Te downloaden via www.herstelondersteuning.nl
  • Boevink, W. (2009). Lijfsbehoud, levenskunst en lessen om van te leren. HEE-geschrift. Utrecht: Trimbosinstituut.
  • GGZ Nederland (2013). De Herstelspecial. Amersfoort: GGZ-Nederland. Te downloaden via
  • Hendriksen-Favier, A., Nijnens, K. en Rooijen S. van (2012). Handreiking voor de implementatie van herstelondersteunende zorg in de ggz. Utrecht: Trimbosinstituut. Te downloaden via Tijdschrift voor Participatie en herstel van mensen met psychische beperkingen. Klik hier voor een link naar de website. 

Hieronder vind je de opdrachten bij dit onderwerp. We zijn benieuwd naar je ervaringen met de opdrachten. We horen graag wat je ermee gedaan hebt.

Je kunt foto's, verhalen en filmpjes naar ons opsturen. Op deze plek in de kennisbundel gaan we de mogelijkheid bieden om je ervaringen te delen met andere docenten.

Via onderstaande knop kun je contact met ons opnemen.

Stuur je eigen materiaal in >

Opdracht 1: Kenmerken van een herstelondersteunende hulpverlener

Een hulpverlener die herstelondersteunend wil werken:

  • heeft een attitude van hoop en optimisme;
  • is present (aandachtig aanwezig voor de cliënt);
  • gebruikt zijn professionele referentiekader op een terughoudende en bescheiden wijze;
  • maakt ruimte voor het persoonlijke verhaal van de cliënt, ondersteunt het opstellen van dit verhaal en sluit er met zorgverlening bij aan;
  • herkent en stimuleert het benutten van eigen kracht van de cliënt;
  • erkent, benut en stimuleert de ervaringskennis en de ervaringsdeskundigheid van de cliënt;
  • erkent, benut en stimuleert de ondersteuning van de cliënt door belangrijke anderen (altijd in overleg met de cliënt);
  • is gericht op het verlichten van lijden en het vergroten van autonomie van de cliënt.

Welke kenmerken van een herstelondersteunende attitude herken je bij jezelf en welke niet? Licht je keuzes toe en geef voorbeelden waaruit dit blijkt.

Opdracht 2: Bespreking kenmerken

In de casus aan het begin van dit hoofdstuk werkt de behandelaar volgens kenmerken van herstelondersteunende zorg. Er staan ook steeds voorbeelden van het niet terughoudend en bescheiden gebruiken van het professionele referentiekader. Bespreek de kenmerken van herstelondersteunende zorg die u herkent in de casus. Wat vindt u ervan?

Opdracht 3: ROPI versus ROSI

Om de herstelgericht van een (GGz-)instelling te kunnen bepalen kunnen instrumenten, zoals de ROPI en de ROSI worden gebruikt. Neem beide instrumenten door en bepaal met een groepje studenten de overeenkomsten en de verschillen tussen beide instrumenten.

Opdracht 4: Beoordelen van het herstelgehalte van een GGz-onderdeel

Studenten die een stage volgen bij een GGz-instelling maken een keuze tussen de ROPI en de ROSI en bepalen met het geselecteerde instrument het herstelgehalte van het GGz-onderdeel waar men de stage volgt.

Opdracht 5: Beoordelen van het herstelgehalte via een website

Studenten die geen stage volgen gaan op internet op zoek naar de website van een GGz-instelling in de eigen regio. Bepaal met de ROPI of de ROSI in welke mate de website van de instelling informatie geeft over het herstelgehalte van de instelling.

Opdracht 6: Herstelondersteunende instrumenten en de vier aspecten HOZ

In dit deel van de module zijn de volgende herstelondersteunende instrumenten aan de orde gekomen:

  • Herstelwerkgroepen
  • Stigmabestrijding
  • Herstelondersteunende begeleidingsplannen
  • Het Strengths Model
  • Shared Decision Making
  • WRAP
  • Rehabilitatiemethodieken

Bepaal met het schema ‘Aspecten van herstelondersteunende zorg’ op welk aspect de genoemde instrumenten zich richten. Zijn er instrumenten bij die zich op meerdere aspecten van herstelondersteunende zorg kunnen richten. Zo ja, licht dit toe; zo nee, waarom niet?

Deel deze pagina Facebook Twitter LinkedIn E-mail

Sluit pop-up

Patricia Deegan

'Veel mensen vinden het beangstigend om gewoon wat tijd door te brengen bij mensen die enorm lijden. Mensen met zielensmart schreeuwen het uit. Zelfs als zij totaal stil zijn, kan je ze het horen uitschreeuwen.'

https://www.youtube.com/watch?v=jUvJFsvPM9o