Kennisbundel Licht verstandelijke beperking

Vilans

Leefgebieden

Mensen met een LVB hebben vaak hun hele leven lang ondersteuning en/of begeleiding nodig op verschillende leefgebieden. Denk hierbij aan het huishouden, vrijetijdsbesteding en mediagebruik, school en werk.

Participatie

Participeren gaat over gelijkwaardig en actief mee doen in de samenleving. Belangrijke voorwaarden hiervoor zijn wonen, school en werk, maar ook sociale contacten. Iedereen heeft recht om deel te nemen aan de samenleving, participatie draagt bij aan zingeving en zelfrespect en vergroot daarmee de kracht van mensen met een beperking. Voor mensen met een LVB kan participatie op sommige vlakken moeilijker zijn dan voor anderen. Zij hebben bijvoorbeeld meer moeite met het leggen en onderhouden van sociale contacten. Het is als professional belangrijk dat je jouw cliënt leert mee toe doen aan de samenleving. De ondersteuning die je hiervoor biedt zal afgestemd moeten worden op individuele mogelijkheden en op persoonlijke ontwikkeling en in samenwerking met de sociale omgeving van de cliënt. Houdt hierbij ook rekening dat het belangrijk is dat je je cliënt de ruimte geeft om zelf te ontdekken wat werkt, op deze manier kan je cliënt leren oplossingen te bedenken voor moeilijke (sociale) situaties.

Als het aankomt op maatschappelijke participatie voor mensen met een LVB moet gelden, ‘uitgaan van de mogelijkheden en rekening houden met de beperkingen’ oftewel ‘gewoon waar het kan en bijzonder waar het moet’.

School en onderwijs

Mensen met een LVB zijn veelal laag geschoold, vaak hebben zij praktijkonderwijs of leerwegondersteunend onderwijs gevolgd en hebben zij moeite met een voortgezette opleiding. Dit betekent echter niet dat zij niet kunnen leren of zich niet kunnen ontwikkelen. Voor iemand met een LVB is het belangrijk dat er in het onderwijs ingespeeld wordt op zijn/haar behoeften. Mensen met een LVB leren bijvoorbeeld vaak beter in de praktijk.

Kinderen en jeugdigen met een LVB zijn minder goed in het verwerken van informatie, hebben vaak een beperkte concentratiespanne en moeite met het ordenen van informatie. Daarnaast blijkt dat zij vaak problemen hebben met het herkennen en oplossen van probleemsituaties, dit komt duidelijk naar voren bij het verwerken van sociale informatie. Tot slot komt een negatieve houding naar anderen en zichzelf en een beperkt vermogen om zich te kunnen verplaatsen in het perspectief van de ander vaak voor.

Deze cognitieve en sociale kenmerken maken dat kinderen en jeugdigen met een LVB moeite kunnen hebben met de schoolsituatie. Wanneer de school de speciale behoeften van deze kinderen niet (h)erkent ontstaan er problemen die het onderwijsproces kunnen verstoren. Het is dus belangrijk dat leerkrachten in het (passend) onderwijs ondersteund worden in de begeleiding van leerlingen met LVB. Wanneer een leerling niet in het regulier onderwijs les kan volgen is het mogelijk een overstap te maken naar het speciaal onderwijs.

Werk en arbeid

Ook het verwerven van een positie op de arbeidsmarkt is voor mensen met een LVB een uitdaging waar zij vaak begeleiding bij nodig hebben. Hun startpositie, gepaard met de andere kenmerken van een LVB, heeft veel invloed op hun kansen op de arbeidsmarkt. Veel jongeren met een LVB stromen dan ook in in de Wajong.

Jongeren met een LVB kunnen op verschillende manieren ondersteund worden bij hun arbeidsparticipatie. Arbeidsmatige dagbesteding, betaald werk via de wet sociale werkvoorziening of ondersteuning van een
jobcoach voor het vinden en behouden van werk bij een reguliere werkgever zijn hier voorbeelden van. Mensen met een LVB zijn met deze ondersteuning goed in staat om werk te doen en zich op hun eigen tempo verder te ontwikkelen in hun loopbaan. Wanneer zij op een goede plek zitten, ontpoppen mensen met een LVB zich vaak tot werknemers die van aanpakken weten en veel voldoening uit hun werk halen.

Mediagebruik

Het gebruik van (sociale) media in de maatschappij is enorm toegenomen. Steeds meer contacten vinden online plaats maar ook praktische dingen als het regelen van je bankzaken gebeurt online. Deze digitale wereld brengt naast veel voordelen ook risico’s met zich mee. Denk aan (identiteits)fraude, cyberpesten en seksueel misbruik. Mensen met LVB lopen ook in de online wereld meer risico om slachtoffer of dader van pesten, misbruik of fraude te worden. Deze kwetsbaarheid, in combinatie met de toename van mediagebruik in de samenleving, maakt dat het als professional belangrijk is dat je je cliënt ondersteunt en leert zelfstandig en veilig gebruik te maken van online media.

Sociaal netwerk

Een sociaal netwerk is voor mensen met een LVB, net als voor ieder ander, van cruciaal belang voor de kwaliteit van leven en om mee te doen in de samenleving. De sociale netwerken van mensen met een LVB zijn echter vaak klein en bestaan vooral uit familie en begeleiders. Contacten met anderen zijn door uiteenlopende oorzaken vaak beperkt.

Mensen met een LVB zijn gebaat bij een goed functionerend sociaal netwerk aangezien dit hen kan helpen bij het ontwikkelen van hun adaptieve vaardigheden. Als professional heb je een rol in het ondersteunen, versterken en uitbreiden van het sociale netwerk van je cliënt. Denk hierbij aan je cliënt bewust maken van zichzelf en van hun netwerk en leren hoe je contact kan maken. Daarnaast is het belangrijk het sociaal netwerk van je cliënt, waar mogelijk, te betrekken in de ondersteuning. Raak hierbij echter niet de behoeften en wensen van je cliënt uit het oog.

  • Aandacht voor de relaties van cliënten verbetert de kwaliteit van zorg en ondersteuning. Daarom hebben Vilans, Movisie en Actiz een wegwijzer gemaakt: Aan de slag met sociale netwerken
  • Binnen het Lectoraat Zorg voor Mensen met een Verstandelijke Beperking heeft Ida van Asselt-Goverts van 2010 tot 2015 een promotieonderzoek uitgevoerd naar sociale netwerken van mensen met lichte verstandelijke beperkingen.
  • Sommige dingen zijn moeilijk bespreekbaar te maken, denk aan homoseksualiteit of religie. Om deze, en andere onderwerpen op een laagdrempelige manier te bespreken heeft Movisie een kaartspel gemaakt: Speel Samen Anders
  • De LFB heeft een cursus ontwikkelt voor mensen die meer willen leren over het aangaan van nieuwe contacten: Die ken ik.
  • Als je cliënt zelfstandig woont (of binnenkort zelfstandig gaat wonen) en graag meer mensen in de buurt leert kennen kan je hem/haar aanmelden bij een buurtcirkel. In dit initiatief leren buurtbewoners elkaar beter kennen, kunnen samen leuke dingen doen en helpen elkaar: buurtcirkels

Relaties en ouderschap

Mensen met een LVB hebben net als ieder ander behoefte aan intieme relaties, maar zij kunnen meer moeite ervaren bij het vinden van een partner dan anderen. Dit kan zijn oorzaak vinden in de emotionele ontwikkeling, moeite met het aangaan van sociale contacten of moeite met het onderhouden van een relatie. Dat deze groep meer risico loopt dan anderen en het belang van een goede seksuele gezondheid is in het onderdeel seksuele problematiek al aan bod gekomen. Als professional is het belangrijk dat je de behoefte van je cliënt begrijpt en hem/haar kan ondersteunen. Het is voor deze ondersteuning noodzakelijk dat je bepaalde, misschien gevoelige, onderwerpen bespreekbaar maakt. Denk hierbij aan seksuele gezondheid, seksueel misbruik of homo/biseksualiteit.

Wanneer mensen met een beperking een kinderwens hebben, stuiten zij vaak op veel bezwaren uit hun omgeving. Dit kan als gevolg hebben dat toekomstige ouders zich afkeren van hun netwerk en begeleiding. Wanneer ouders met een LVB de juiste ondersteuning krijgen van hun begeleiders maar juist ook van hun sociale netwerk komt dat hun ouderschap ten goede.

Hieronder vind je opdrachten waarmee je dieper in kan gaan op de effecten van LVB op de verschillende leefgebieden. We zijn benieuwd naar je ervaringen met de opdrachten. We horen graag wat je ermee gedaan hebt.

Je kunt foto's, verhalen en filmpjes naar ons opsturen. Op deze plek in de kennisbundel gaan we de mogelijkheid bieden om je ervaringen te delen met andere docenten.

Via onderstaande knop kun je contact met ons opnemen.

Stuur je eigen materiaal in >

Opdracht 1: De participatieladder

Neem samen met een medestudent of collega de participatieladder door om het instrument te leren kennen. Waar staan jullie zelf? Wat vind je daarvan? En wat kan je doen om een stapje omhoog te gaan? Heb je daar hulp bij nodig of kan je dat zelf?

Ga vervolgens in dezelfde tweetallen aan de hand van de participatieladder in gesprek met een cliënt (stem dit goed af met de begeleiders van die cliënt en vraag eventueel of de begeleider ook aanwezig wil zijn). Waar staat deze cliënt op de ladder? Wat vind hij/zij daarvan? Wat kan er gedaan worden om een stapje omhoog te gaan? Wie heeft hij/zij daar bij nodig?

Verdiepend

Werk in tweetallen een advies uit over hoe deze cliënt treden kan stijgen op de participatieladder. Welke ondersteuning heeft deze cliënt nodig? Wat moet hij/zij zelf doen? Waar kan de begeleider bij helpen? Waar heb je andere instanties voor nodig? Bespreek dit advies met de begeleider van de cliënt.

Opdracht 2: Zelfredzaamheid

In deze aflevering van Zembla (34:42 minuten) wordt onderzocht hoe het de mensen vergaat die niet zelfredzaam zijn in een wereld die complex en veeleisend is. 

Denk voor het kijken van de documentaire na over wat deze toenemende complexiteit inhoudt, schrijf voor jezelf voorbeelden van deze toenemende complexiteit op en ga na wat de gevolgen zijn voor mensen met een LVB. Kijk  de documentaire en beantwoord de volgende vragen:

  • Hoe ervaren mensen met LVB de complexiteit en veeleisendheid van de samenleving?
  • Wat zijn de gevolgen voor hun zelfredzaamheid? 

Verdiepend

Zelfredzaamheid wordt in alle aspecten van de samenleving gevraagd. Denk bijvoorbeeld aan reizen met het OV, sociale zekerheid of verzekeringen. Breng in kaart waar iemand met LVB tegen aan kan lopen in het dagelijks leven en bedenk bij deze knelpunten oplossingen die de zelfredzaamheid kunnen bevorderen.

Opdracht 3: Aanmoedigen van arbeidsparticipatie

Het project Navigator van MEE heeft als doel om jongeren met een beperking met een afstand tot de arbeidsmarkt en potentieel risico op uitval, vanuit het onderwijs aan werk te helpen en te houden. De Navigator ontzorgt de school door leerlingen richting werk te ondersteunen. Over dit project is deze film (9:13 minuten) gemaakt die het succes van de aanpak helder in beeld brengt.

https://www.youtube.com/watch?v=mpC3xcG3ycg

De stap naar (betaald) werk is voor iemand met LVB vaak groot. Er zijn echter wel mogelijkheden voor mensen met een LVB om aan het werk te gaan. Als zij hierbij de juiste ondersteuning krijgen ontpoppen zij zich vaak tot gemotiveerde werknemers. In de video’s worden voorbeelden gegeven over hoe mensen met een LVB aan het werk kunnen:

Bekijk de video’s en ga met je medestudenten of collega's in gesprek over wat er door deze initiatieven wordt gedaan voor mensen met LVB die moeite hebben of niet in staat zijn zelfstandig de stap naar betaald werk te maken. Werkt dit voor de doelgroep? Waarom wel of waarom niet?

Verdiepend

Ga alleen of met een groepje op bezoek bij een sociale werkplaats of bedrijf dat mensen met een LVB begeleid. Interview daar een leidinggevende over het beleid en een werknemer over het werk dat zijn doen. Ga in op de organisatie, succesfactoren en uitdagingen. Neem de interviews op en maak een vlog over werken met LVB.

Opdracht 4: Ouderschap en LVB

Mensen met een verstandelijke beperking hebben net als ieder ander het recht ouder te worden. Het recht op ouderschap brengt de plicht tot opvoeden met zich mee. Vooral voor ouders met een verstandelijke beperking betekent dat dat zij extra hulp en ondersteuning nodig hebben.

Bekijk de volgende filmpjes over LVB en ouderschap:

Bespreek na het kijken van de filmpjes de zorg en ondersteuning voor ouders met een lichte verstandelijke beperking. Hoe zou jij dit aanpakken? Wat denk je dat goed werkt?

Deel deze pagina Facebook Twitter LinkedIn E-mail