Kennisbundel Niet Aangeboren Hersenletsel

Vilans

Hersenletsel

In dit hoofdstuk wordt ingegaan op de werking van het brein, de oorzaken en de gevolgen van NAH.

Niet aangeboren hersenletsel kan verschillende oorzaken hebben. Wat de gevolgen van het hersenletsel zijn, is onder meer afhankelijk van de getroffen plek in de hersenen. NAH heeft verstrekkende gevolgen voor zowel getroffenen als hun naasten.

Werking van het brein

De hersenen zijn een deel van het centrale zenuwstelsel en bevinden zich in de schedel. In deze ‘grijze massa’ wordt de vitale lichaamsfuncties gereguleerd, wordt de motoriek gecoördineerd en vinden mentale processen zoals denken en voelen plaats. De hersenen bestaan uit verschillende delen, elk deel is verantwoordelijk voor bepaalde functies. Daarnaast staan de verschillende delen met elkaar in contact. Wanneer er hersenletsel optreedt, zijn omvang, ernst en plaats van het letsel belangrijk. 

Omdat de hersenen een zeer belangrijke rol spelen in het menselijk lichaam zijn ze zeer goed beschermd. In de eerste plaats vormt de schedel een bescherming. Binnenin de schedel worden de hersenen omgeven door drie hersenvliezen. In de ruimte tussen het tweede en derde vlies (van buitenaf geteld) bevindt zich hersenvocht, dat onder meer als een stootkussen dient.

  • Lees alles over de functies, indeling en bescherming van de hersenen op de website van de hersenstichting: Hersenen in het kort.
  • Hogeschool Windesheim Flevoland heeft in een werkplaats van Kennisplein Gehandicaptensector een lesbrief ontwikkeld met basisinformatie over niet-aangeboren hersenletsel. In het eerste hoofdstuk wordt uitgelegd wat hersenletsel is en hoe de hersenen werken.

Oorzaken en vormen van hersenletsel

Niet aangeboren hersenletsel kan verschillende oorzaken hebben. Er wordt een onderscheid gemaakt tussen traumatisch hersenletsel en niet-traumatisch hersenletsel.

Traumatisch hersenletsel

Jaarlijks lopen bijna 23.000 mensen matig of ernstig traumatisch hersenletsel op. Denk hierbij aan een hersenkneuzing, zware hersenschudding of een bloeding veroorzaakt door een trauma (bijvoorbeeld een schedelbasisfractuur). Na traumatisch hersenletsel is er vaak sprake van blijvende gevolgen of beperkingen. Het totaal aantal mensen dat blijvende schade, en daarmee ook een blijvende beperking, overhoudt aan traumatisch hersenletsel wordt geschat op 15.000 per jaar.

Niet-traumatisch hersenletsel

Niet-traumatisch hersenletsel ontstaat door een proces in het lichaam of de hersenen en kan door zeer uiteenlopende gebeurtenissen worden veroorzaakt. Vaak is dit een probleem in de bloedvaten in de hersenen, het bloedvat knapt (hersenbloeding) of raakt verstopt (herseninfarct, ook vaak beroerte genoemd). Een andere veel voorkomende oorzaak van niet-traumatisch hersenletsel is zuurstoftekort als gevolg van een hartstilstand, rookvergiftiging of bijna verdrinking. Daarnaast kan een hersenziekte, hersentumor of hersenoperatie letsel veroorzaken. Tot slot kan vergiftiging door gevaarlijke stoffen en drank of drugs ook NAH veroorzaken. Omdat niet-traumatisch hersenletsel zo veel uiteenlopende oorzaken heeft, is het moeilijk absolute aantallen te geven m.b.t. het aantal mensen dat NAH heeft als gevolg van niet-traumatisch letsel.

  • De hersenstichting geeft een overzicht van de oorzaken van NAH (traumatisch en niet-traumatisch), inclusief uitleg van de verschillende gevolgen en oorzaken. 
  • Meer informatie over de verschillende oorzaken en de bijpassende ziektebeelden in 'gewone taal' is te vinden op hersenletsel-uitleg.nl

Gevolgen van hersenletsel

NAH heeft verregaande gevolgen voor de getroffenen en hun naasten, deze zijn in de voorgaande tekst al aan bod gekomen. De zichtbare of lichamelijke gevolgen van NAH vallen vaak direct op. Voorbeelden hiervan zijn verlamming, verlies van spierkracht, incontinentie of epilepsie. De onzichtbare gevolgen van NAH vallen echter vaak pas na verloop van tijd op, pas wanneer de acute en revalidatiefasen na het letsel voorbij zijn en het ‘gewone leven’ weer opgepakt wordt. De chronische fase van NAH duurt dan ook levenslang en verschilt per individu.

De onzichtbare gevolgen van NAH uitten zich op verschillende manieren:

  • Cognitieve gevolgen: o.a. aandacht- en concentratiestoornissen, overgevoeligheid voor prikkels, geheugenstoornissen en vermoeidheid;
  • Gevolgen voor communicatie: taalstoornissen en spraakstoornissen;
  • Gedragsmatige gevolgen: o.a. verlies van zelfredzaamheid, niet kunnen leren van ervaringen en verstoorde controle;
  • Emotionele gevolgen: o.a. karakterveranderingen, sociaal onaangepast gedrag, somberheid en depressie, verhoogde prikkelbaarheid, vervlakking, ander gevoel voor humor en gebrekkig zelfvertrouwen.
  • Veranderde stressgevoeligheid.

Aangezien het letsel overal in de hersenen kan optreden kunnen gevolgen van NAH zeer uiteenlopend zijn, je kan iemand met NAH dan ook niet altijd aan de symptomen herkennen. Ook bij de cliënten met NAH binnen de GHZ zijn deze gevolgen zeer uiteenlopend (van niet-responsief tot zelfstandig wonen), je signaleert NAH dan ook voornamelijk door de breuk in de levenslijn.

Gevolgen van NAH voor naasten

Hersenletsel treft ook de naasten. De onzekerheid over de toekomst en de cognitieve, communicatieve, emotionele en gedragsmatige gevolgen van NAH hebben veel invloed op de naasten. Het gezinsleven raakt uit balans, er ligt veel druk bij gezinsleden en de naasten rouwen om het verlies van de persoon die zij altijd gekend hebben.

Door NAH kan iemand persoonlijkheid veranderen. De uitspraak “het lijkt wel alsof ik met een ander persoon getrouwd ben” hoor je dan ook vaak. Na NAH neemt de partner, familielid of vriend van de ene op de andere dag een andere rol aan, die van mantelzorger of ondersteuner. Als er daarnaast sprake is van een gezin zullen daarbinnen de taken ook plotseling verschuiven naar de partner, kinderen en/of naasten. Naastbetrokkenen, inclusief kinderen, ervaren daarom ook een breuk in de levenslijn en gaan een proces door van verwerking. Het is voor de professional belangrijk om te beseffen dat het hele systeem rondom de persoon met NAH geraakt wordt en hier aandacht voor te hebben en rekening mee te houden.

In het vierde hoofdstuk van deze kennisbundel wordt verder ingegaan op het sociale netwerk van een persoon met NAH en wordt aandacht besteed aan mantelzorgondersteuning.

Hieronder vind je opdrachten waarmee je dieper in kan gaan op de oorzaken en gevolgen van NAH voor de getroffenen en naasten. We zijn benieuwd naar je ervaringen met de opdrachten. We horen graag wat je ermee gedaan hebt.

Je kunt foto's, verhalen en filmpjes naar ons opsturen. Op deze plek in de kennisbundel gaan we de mogelijkheid bieden om je ervaringen te delen met andere docenten.

Via onderstaande knop kun je contact met ons opnemen.

Stuur je eigen materiaal in >

Opdracht 1: De hersenen van NAH

Meer weten over hoe de hersenen werken en wat er in de hersenen gebeurt bij NAH? Daar zijn verschillende filmpjes over te vinden. Hier zie je alvast een kort animatiefilmpje van de Hersenstichting (1:15 min.). Een uitgebreidere uitleg over hoe NAH ontstaat en voorbeelden van verschillende vormen van NAH komt in dit YouTube filmpje (2:11 min.) aan bod.

Verdiepend

Een overzicht van alle hersengebieden, de functies en de geassocieerde aandoeningen bij letsel vind je in de 3D brain app (Engelstalig).

Opdracht 2: Gevolgen van NAH

Er zijn veel verschillende filmpjes te vinden over het leven met de gevolgen van NAH. Dit beeldmateriaal geeft aan wat de gevolgen van NAH op het dagelijks leven van de getroffene en zijn of haar naasten zijn. Merith (7:23 min.) en Monique (4:38 min.) zijn beide getroffen door NAH. Hiermee omgaan is voor zowel hen als hun omgeving een grote uitdaging.
Beantwoord na het kijken van de video's de volgende vragen:

  • Hoe is het leven veranderd na NAH?
  • Hoe is het leven van de naasten veranderd?
  • Welke ondersteuning hebben Merith en Monique nodig?
  • Door wie wordt deze ondersteuning verzorgd?

Verdiepend

Vergelijk beide casussen met elkaar. Wat zijn de overeenkomsten en wat zijn de verschillen tussen Merith en Monique als het aankomt op de volgende punten:

  • Gevolgen van het NAH voor henzelf
  • Gevolgen van het NAH voor hun omgeving
  • Geboden zorg/ondersteuning (ga hierbij ook na waarom en hoe de zorg/ondersteuning werkt)

Opdracht 3: Gevolgen van NAH voor naasten

Informatie voor docent

Nodig één of meerdere naasten uit van een cliënt met NAH. Bereid hen goed voor. Het is belangrijk dat ze weten wat hen te wachten staat en wat er van hen wordt verwacht. Ze hoeven niet alle vragen te beantwoorden. Ze kunnen aangeven als ze iets niet begrijpen of iets niet willen bespreken. Een veilige sfeer is erg belangrijk. Evenals een blijk van waardering voor hun inzet.

Laat studenten in drietallen in gesprek met de naaste. Eén stelt de vragen, één observeert en één rapporteert. Of laat twee studenten voor de klas de ‘ervaringsdeskundige’ interviewen. De overige studenten observeren. Mogelijke vragen hebben we verzameld in een bestand, maar het staat vrij om eigen vragen toe te voegen en te stellen.

Verdiepend

  • Wat heb je geleerd van dit gesprek? Hoe ga je dit toepassen?
  • Welke tips en adviezen kun je, op basis van de resultaten van het gesprek, geven aan de begeleiders van de cliënt?

Opdracht 4: De werking van de hersenen en NAH (verdiepend)

Als je je verder wilt verdiepen in de werking van de hersenen en NAH is deze e-learning van wikiwijs een goed leermiddel. Er wordt op verschillende manieren informatie aangeboden om zo een uitdagende en afwisselende les aan te bieden.

Opdracht 5: Prikkels

Hou, om je in te leven in iemand met NAH die last heeft van overprikkeling, een paar dagen een dagboek bij over de prikkels die je zelf binnen krijgt. Een overzicht van de verschillende soorten van overprikkeling vind je op de website van Hersenletsel-uitleg.

Vergelijk na een paar dagen jouw dagboek met die van iemand anders:

  • Wat waren belangrijke prikkels voor jullie?
  • Kan je je nu beter inleven in wat overprikkeling is?
  • Wat kan je er aan doen om overprikkeling te voorkomen?

Verdiepend

Ga in gesprek met een ervaringsdeskundige over de prikkels die hij/zij ervaart in het dagelijks leven en de manier waarop hij/zij hiermee omgaat. Denk hierbij ook aan je eigen ‘prikkeldagboek’, leef je in in hoe het is om overprikkelt te raken. Ga na wat jij als professional kan doen om overprikkeling tegen te gaan of om handvatten te bieden hiermee om te gaan.

Deel deze pagina Facebook Twitter LinkedIn E-mail