Wijkverpleegkundige nieuwe stijl

Vilans

Profileren - Je bent meer waard!

Rita Kiggen

"Ik hoef niet alles op te lossen, ik weet naar wie ik kan verwijzen omdat ik het wijkzorg netwerk goed ken". Uit 'ZorgenZ' (2016).

Gert Jan Bolt

"Het is echt prachtig werk, fantastisch dat de wijkverpleegkundige functie is versterkt en dat dit ook nog eens een besparing in de zorgkosten oplevert" Uit: 'Aan tafel met wijkverpleegkundigen'.

Zorgkantoren indiceren zorg, zorgverleners voeren die zorg uit. Zo was het vroeger. Dat staat ver van de wijk af en biedt weinig mogelijkheden voor preventief beleid. Dat past dus ook niet in het nieuwe denken over zorg. Daarom krijgen wijkverpleegkundigen nieuwe taken: meer regelruimte en meer nadruk op preventie en het bevorderen van zelfmanagement, meer samenwerken met andere partijen in de wijk.

Hindernissen

In de praktijk gaat samenwerken niet altijd gemakkelijk. We zetten een paar oorzaken op een rij.

  • Het ontbreekt aan inzicht in de toegevoegde waarde van wijkverpleegkundigen en wat projecten met gemeentes en zorgverzekeraars opleveren. Dat hangt samen met de bekostiging. Curatieve zorg wordt per verrichting gedeclareerd. Maar niet alle verrichtingen van de wijkverpleegkundige leveren op korte termijn tastbare resultaten op. Denk bijvoorbeeld aan het opzetten van een wandelclub voor mensen met obesitas in een wijk. Hoe verantwoorden we deze ‘verrichtingen’?
  • Het oude curatieve denken zit diep geworteld in de structuur van de gezondheidszorg. Het beeld dat wijkverpleegkundigen vooral zorg verlenen zit nog in de hoofden van zorgverleners, zelfs van wijkverpleegkundigen zelf. En in de hoofden van samenwerkingspartners. Dat maakt werken aan een integrale aanpak ingewikkeld.
  • De wijkverpleegkundigen en wijkteams komen niet toe aan preventieve taken. Wijkteams concentreren zich op multi-probleemsituaties. Daardoor lukt het niet altijd om aandacht aan preventie te besteden. En als het lukt, blijft het vaak beperkt tot het geven van voorlichting en het beïnvloeden van de leefstijl.

Kosten of investering?

Uitgaven in de gezondheidszorg worden veelal gezien als kosten. Experts in binnen- en buitenland zien dat anders: uitgaven in de gezondheidszorg zijn een investering. Prof. Dr. André Knottnerus, voorzitter van de WRR en eerder voorzitter van de Gezondheidsraad, pleitte al in 2008 voor een nieuwe visie: investeren in preventie betekent onder andere een betere kwaliteit van leven, meer verdienmogelijkheden en minder beroep op zorg. Wijkverpleegkundigen leveren een belangrijke bijdrage aan preventie en dus aan deze investering. Ze dragen daardoor ook bij aan resultaten van andere partijen, zoals de gemeente of zorgverzekeraar. En aan de resultaten van de BV Nederland. Dat is niet goed zichtbaar en bovendien moeilijk te berekenen.

Wat zijn die bijdragen waar anderen profijt van hebben?

  • Bijdragen aan gezondheid
  • Bijdragen aan kwaliteit van leven
  • Bijdragen aan het terugdringen van de kosten van de gezondheidszorg.
  • Bijdragen aan maatschappelijke baten

Wijkverpleegkundigen leveren dus veel op. Individueel, maatschappelijk en voor de samenleving en de schatkist. Dat is niet algemeen bekend bij managers, gemeenteambtenaren, zorgverzekeraars en bedrijven. Dat komt doordat een deel van de resultaten niet gemakkelijk in geld is uit te drukken. Hoe bereken je de financiële effecten van het doorbreken van eenzaamheid? Dat komt ook doordat de opbrengsten van preventieve maatregelen pas in de toekomst duidelijk zijn en pas dan berekend kunnen worden. En het komt doordat wijkverpleegkundigen er niet mee te koop lopen.

Bijdragen waar anderen profijt van hebben

Wijkverpleegkundigen leveren een belangrijke bijdrage aan preventie. Ze dragen daardoor ook bij aan resultaten van andere partijen, zoals de gemeente of zorgverzekeraar.

1. Bijdragen aan gezondheid

Wijkverpleegkundigen bevorderen de gezondheid door bijv. overgewicht, stress of eenzaamheid te voorkomen of terug te dringen. Met wat rekenwerk is dat goed in geld uit te drukken. De effecten van preventieve acties zijn goed zichtbaar, in ieder geval voor individuele cliënten. Die effecten bij elkaar vertegenwoordigen ook een maatschappelijke waarde, want de Nederlandse bevolking vindt gezondheid een van de belangrijkste elementen in het leven. De effecten kunnen we ook in geld uitdrukken. Een jaar minder in ongezondheid leven (DALY/ Disability Adjusted Life Years) heeft een geschatte waarde van € 50.000 – 60.000.

Johan Mackenbach, hoogleraar MGZ van de Erasmus Universiteit, berekende dat omgevingsfactoren verantwoordelijk zijn voor gemiddeld 10 jaar gezonde levensverwachting voor de gemiddelde Nederlander. Dat is dan 17 miljoen Nederlanders 10 jaar langer gezond tegen een waarde van € 50.000. De optelsom levert een bespaard gezondheidsverlies op van maximaal € 8500 miljard. Stel dat we inzetten op collectieve preventie de komende 20 jaar en er in slagen om maar 10% van dit effect te realiseren dan is dat altijd nog €8500 miljard gedeeld door 10 gedeeld door 20 = € 42,5 miljard per jaar. We laten in dit rekenvoorbeeld de extra kosten weg die ontstaan doordat mensen ouder worden dan vroeger en ze daardoor gemiddeld meer kosten in die laatste jaren.”

2. Bijdragen aan kwaliteit van leven

De opbrengst van wijkverpleegkundigen blijft niet beperkt tot gezondheid. Een betere gezondheid betekent immers ook een betere kwaliteit van leven. Mensen zijn langer zelfredzaam, blijven in hun eigen omgeving wonen, hebben meer plezier in hun leven, hebben meer sociale contacten en blijven langer maatschappelijk actief. Ook dit is goed in geld uit te drukken. Voor een jaar leven met een goede kwaliteit van leven (QALY/ Quality Adjusted Life Years) wordt de waarde momenteel eveneens geschat op € 50.000-60.000.

3. Bijdragen aan het terugdringen van de kosten van de gezondheidszorg

Wijkverpleegkundigen besparen door hun werkzaamheden op uitgaven als ziektekosten, hulpmiddelen en medicijnen. Ze realiseren zich echter nauwelijks hoeveel hun werk opbrengt op een niveau anders dan het individuele. Alleen al het terugdringen van vermijdbare kosten binnen de gezondheidszorg levert de samenleving veel op. Daarmee dragen wijkverpleegkundigen ongemerkt bij aan het betaalbaar houden van de gezondheidszorg in Nederland.

Bijvoorbeeld:

  • Het voorkomen van een ziekenhuisopname bespaart per keer ± € 5.000.
  • Het voorkomen van een jeugdzorgtraject bespaart per keer ± € 35.000 en kan oplopen tot € 100.000.
  • Het voorkomen van een opname in een verpleeghuis bespaart per jaar ± € 120.000.

De meeste bedragen komen uit de ‘Maatschappelijke prijslijst’.

4. Bijdragen aan maatschappelijke baten

De effecten van de wijkverpleegkundige inzet betreffen de hele samenleving. Denk aan overheid, bedrijfsleven en onderwijs. Gezonde mensen zijn immers op hun werk productiever, doen minder een beroep op de sociale zekerheid en zijn maatschappelijk actiever. Jongeren die gezond zijn doen het beter op school, komen minder vaak in de Wajong en veroorzaken minder overlast. Daarmee leveren wijkverpleegkundigen ook nog eens een bijdrage aan het terugdringen van maatschappelijke kosten.

Wijkverpleegkundigen leveren een bijdrage aan de besparing: op het terugdringen van ziekteverzuim € 20 miljard, op arbeidsongeschiktheid € 8 miljard, op de Wajong € 3 miljard, op criminaliteit € 20 miljard en op schooluitval € 5 miljard. 

Meer informatie:

Onzichtbare voordelen

Wijkverpleegkundige zorg levert het meest op door preventie. Dat lukt alleen als andere partijen - gemeenten, zorgkantoren en zorgverzekeraars - ook bereid zijn te investeren. Iedere partij heeft echter eigen opdrachten en doelen die een investering in een gezamenlijk preventief project lastig maken of zelfs kunnen blokkeren. Bijvoorbeeld:

  • Gemeenten richten zich op het uitvoeren van de wetten, bijvoorbeeld de Wmo.
  • Zorgkantoren mogen niet investeren in preventie (Wlz) en doen daarom niet mee. Ze hebben hoe dan ook een gering belang omdat ze zich beperken tot de zware en vooral intramurale zorg.
  • Zorgverzekeraars richten zich op het uitvoeren van de verplichtingen volgens de polisvoorwaarden (Zvw). Bovendien zijn zij niet zo snel bereid te investeren in burgers die bij hun concurrenten verzekerd zijn.

Vaak vallen de baten uit preventieve maatregelen toe aan de langdurende zorg (Wlz). De gemeente investeert bijvoorbeeld - op advies van de wijkverpleegkundige - in een traplift en een cursus valpreventie, waardoor iemand veilig thuis kan blijven wonen. Dat levert gemeenten en zorgverzekeraars in directe zin dus op. Er zijn wel degelijk grote maatschappelijke baten en lagere zorgkosten, maar die zijn onzichtbaar. Het is dus belangrijk dat wijkverpleegkundigen hun bijdrage kunnen motiveren en verantwoorden.

Laat zien wat het oplevert

Hoe laat je zien dat preventie bijdraagt aan niet-zichtbare maatschappelijke baten op lange termijn? Om daar inzicht te krijgen, moeten alle verwachte kosten en baten op dezelfde manier worden berekend, in euro’s. Het gaat altijd om schattingen om te waarderen en vergelijken. Bijvoorbeeld statistische gezondheidswinst of -verlies als gevolg van een interventie. Die schattingen zijn bedoeld voor het nemen van beslissingen. Zetten we een interventie voort? Doen we mee aan de samenwerking?

Belangrijk is om de geschatte kosten en opbrengsten van alle betrokkenen en deelnemende partijen in beeld te brengen. Daarvoor bestaan verschillende methoden, hierna noemen we er drie. Overigens: een negatieve uitkomst voor één of meer deelnemers hoeft geen belemmering te vormen voor een project. Andere factoren wegen soms zwaarder, bijvoorbeeld het imago van een zorgverzekeraar of de politieke gevolgen voor een gemeente.

Drie methoden toegelicht:

1. Kosteneffectiviteitsanalyse (KEA)

Een KEA vergelijkt de kosten en effecten van een interventie met die van een standaardinterventie of geen interventie. De kosteneffectiviteit wordt in een uitkomstmaat uitgedrukt, bijvoorbeeld per voorkomen opname of per gewonnen levensjaar (Qaly). Bij een Qaly wordt de gezondheidswinst uitgedrukt in gewonnen levensjaren. De einduitkomsten kunnen overigens ook in geld worden vertaald.

Uitleg over KEA

Uitleg over Qaly die in Nederland op €50.000 is vastgesteld

2. Maatschappelijke Kosten Baten Analyse (MKBA)

Een MKBA telt alle kosten en baten op, ongeacht wie ze betaalt of ontvangt. Een MKBA geeft daardoor een goed kwantitatief beeld van de totale kosten en baten. De baten van de afzonderlijke betrokkenen komen niet gedetailleerd in beeld.

Uitleg RIVM

Voorbeeld - E boek gezonde wijk (vanaf H9)

Aan de slag met een MKBA met voorbeelden:
Handreiking MKBA voor beleidsmakers

Uitgewerkte voorbeelden van MKBA’s door sociale wijkteams

3. Social Return On Investment (SROI)

SROI geeft inzicht in de verhouding tussen de totale investering en de gerealiseerde of te verwachten maatschappelijke effecten. SROI meet dat in 10 stappen. Iedere bijdrage op welke manier ook is een investering; iedere betrokkene, al weet die het soms niet eens, wordt een investeerder. Hierdoor kan de totale economische en sociale opbrengst van de investering worden beoordeeld. SROI sluit daardoor aan op wat maatschappelijke instellingen willen: hun inspanningen moeten geen verlies opleveren en ze moeten een sociaal rendement hebben. Met een SROI kunnen projectleiders en ondernemers laten zien welke maatschappelijke resultaten tegen welke kosten hun project of onderneming heeft. Investeerders en subsidiegevers krijgen inzicht in de economische en maatschappelijke opbrengsten van een project of onderneming.

Uitleg en checklist van de 10 stappen

Voorbeeld SROI

Voorbeeld SROI

Deze methoden zijn ook goed bruikbaar om een beter inzicht in een (potentieel) project te krijgen. Ze bieden houvast bij het structureren of beoordelen van een samenwerkingsproject. De 10 stappen in het SROI vormen bijvoorbeeld een goede checklist bij het opzetten van een project. De SROI helpt ook om focus te kiezen, resultaten en effecten vast te stellen en te bepalen hoe deze effecten gemeten worden.

Deel deze pagina Facebook Twitter LinkedIn E-mail

Sluit pop-up

Rita Kiggen

"Ik hoef niet alles op te lossen, ik weet naar wie ik kan verwijzen omdat ik het wijkzorg netwerk goed ken". Uit 'ZorgenZ' (2016).

Sluit pop-up

Gert Jan Bolt

"Het is echt prachtig werk, fantastisch dat de wijkverpleegkundige functie is versterkt en dat dit ook nog eens een besparing in de zorgkosten oplevert" Uit: 'Aan tafel met wijkverpleegkundigen'.